Into the wild

Blog: Frankee gaat into the wild
‘Wie van ons zal het eerst sterven als we eindigen op een onbewoond eiland?’. Al mijn vrienden wijzen naar mij. Ze zouden beter moeten weten. Ik heb als enige van deze groep de TV serie LOST helemaal afgekeken. Ik weet wat ik wel en niet moet doen op een eiland. Of toch niet?

Mijn vrienden en ik gingen met zijn allen barbecuen. Ik had niets van het eten klaargemaakt. Ik had de barbecue niet aangestoken. Ik gaf alleen het nodige commentaar en leverde kritiek op mijn twee vriendinnen die de barbecue probeerde aan te steken. Ik zat op mijn luie reet en zag hoe het eten voor mij werd klaargemaakt. Ik schreeuwde af en toe dat ik dacht dat het eten klaar was of dat er iets aanbrandde. Tot zover mijn bijdrage.

Na het eten ruilde we de barbecue om voor een brandkolf. Om het vuur gaande te houden moest er om de zoveel tijd hout verzameld worden en op het vuur worden gegooid. Uiteraard gooide ik alles erop wat er niet op hoorde. Nat hout, chips, plastic en kastanjes. Een paar geïrriteerde hoofden keken mij aan. Kastanjes leken ons aan te vallen vanuit de brand kolf en ik probeerde tevergeefs het vuur aan te wakkeren. ‘Niet naar ons toe!’ schreeuwde mijn beste vriend. En terwijl ik mijn groep vrienden vergaste met het rook dat ik naar ze toe waaide zei ik: ‘We zouden een keer met zijn allen moeten gaan kamperen’. Complete stilte volgde. Duidelijk.

Ik kreeg meteen een flashback naar het weekend dat ik met mijn vrienden ging wildkamperen in de Ardennen. De paniek begon al meteen toen we aankwamen. Geen van ons wist hoe we een tent moesten opzetten. Het eten klaar maken ging ons ook niet echt goed af. Het vuur viel steeds uit, waardoor we besloten om onszelf op te warmen in de auto. Ook was ik geen fan van je behoefte doen in het wild en van het niet kunnen douchen werd ik erg chagrijnig. Het verbaasde me dan ook dat de rest hier absoluut geen problemen mee had. Ligt het aan mij? Ben ik te verwend?

Ik weet niet waarom, maar al van jongs af aan was ik niet echt een held in het overleven in de wildernis. Ik kan me nog een survival tocht herinneren op school waar alles wat fout kon gaan, ook echt fout ging. Ik fietste de verkeerde kant op waardoor ik van een kleine afgrond fietste en in een modderpoel belande. Ik liet tijdens het abseilen het touw los nadat mijn schoen uitviel en het was mijn schuld toen onze kano omkieperde.

Misschien hebben mijn vrienden wel gelijk. Blijkbaar denk ik veel stoerder te zijn dan dat ik daadwerkelijk ben. Ik ben toch echt waarschijnlijk degene die als eerste het loodje legt op een onbewoond eiland. Ik eet geen vlees. Ik kan geen kampvuur maken. Ik zorg eerder voor voedselvergiftiging dan voor een heerlijke maaltijd. Ik zal degene zijn die bevriend raakt met alle dieren op het eiland om vervolgens zelf opgegeten te worden door een beest.

Dus, kan iemand mij nu vertellen waar ik een cursus ‘overleven in de wildernis’ kan volgen? Ik heb het blijkbaar hard nodig!

Dinosaurus

1005892_10200968526008301_1065522879_n28 juni 23:55

Ik kijk angstig naar de klok. Nog vijf minuten en ik ben dan wéér een jaartje ouder. Ik ben doorweekt. Na een paar drankjes gedronken te hebben in de stad, ben in de keiharde regen naar huis gefietst. Ik trek mijn natte broek uit en trek een droge pyjamabroek aan. Nog vier minuten. Ik ben onrustig aan het worden. Weer een jaar ouder. Weer een jaar waarin ik meer rimpels kan verwachten. Ik geef het toe. Ik ben niks zonder mijn gezicht. En ouder worden, helpt niet met het in tact houden van mijn jeugdige look.

Waar zijn de tijden gebleven dat ik met mijn neefjes en nichtjes nog in één bed sliep? Dat ik bosjes in de fik stak of stiekem een kat mee naar huis nam en dat nog een soort van schattig werd gevonden? Nu word ik alleen maar raar aangekeken als ik zeg dat ik weleens in bed slaap met mijn vier beste vriendinnen of met mijn twee poezen, waarvan ik met één altijd lepeltje-lepeltje lig.

Nog drie minuten te gaan op de klok. Wie zou mij als eerst feliciteren? Ik hoef niet te wachten op een telefoontje van mijn beste vriendin Jennifer, want die denkt elk jaar dat ik jarig ben op 28 juni. Met volle overtuiging zingt ze elk jaar op 28 juni om precies klokslag twaalf ‘Happy Birthday’. Dit jaar wilde ze het weer gaan doen. Ik nam uit protest gewoon niet op. As a best friend she should know better!

Twee minuten. Een berg chocola kijkt me aan. Ik geef toe. Ik kijk met een mond vol chocola naar buiten en hoop op mooi weer op mijn verjaardag. Ik voel mij met de seconde ouder worden. Ik zet de TV aan. Een National Geographic reclame met een dinosaurus komt voorbij. In die ene minuut voel ik me verbonden met het oude beest.

En dan is het zover: ik ben OUD.

Mijn vriendinnetjes bellen vanuit Ibiza om mij te feliciteren. Vals zingend krijg ik mijn eerste felicitatie binnen. Dan volgen de Facebook felicitaties. De Whatsapps en nog meer vals gezongen liedjes, de één nog lelijker dan de andere. Het zorgt wel voor een big smile op m’n gezicht 😀

Na een schoonheidsslaapje, die ik nu meer nodig heb dan ooit tevoren, kijk ik naar buiten. Geen regen te bekennen, alleen maar zonneschijn! Hoera! Aangezien ik mijn verjaardag in het park vier, hoopte ik hier natuurlijk op.

Nadat ik met hulp van mijn vriendinnetje Tessa mezelf heb geïnstalleerd in het park, komt mijnbirthday crowd één voor één het park binnen. De bubbels gaan open. Stokbroodjes worden gesmeerd. Snoep word geplunderd en ik krijg de leukste cadeaus! Zoals een te gekke katten-onesie!

In mijn onesie kijk ik naar mijn vrienden. Ik besef me weer eens hoe blij en gelukkig deze mensen mij maken. Stuk voor stuk zijn ze allemaal aan het dansen en aan het lachen. En ze zijn hier allemaal, omdat ze om me geven. En dat is eigenlijk al reden genoeg om mijn verjaardag te vieren.

Na het park ga ik met mijn groep vrienden verkleed als vampiers naar club Air. Daar vieren we tot de vroege uurtjes dat ik weer een jaar heb overleefd op deze planeet.

Eenmaal thuis ben ik vermoeid, voldaan en enorm gelukkig. Voordat ik naar dromenland ga, vraag ik mezelf af waarom ik elk jaar toch zo bang ben om jarig te zijn? Want zolang ik elk jaar dit soort feestjes mag vieren, geniet ik er alleen maar van! Ik zeg: Vadertje tijd kan mijn kont kussen, want volgend jaar maak ik er weer een mooie dag van!